Beknopte geschiedenis van het orgel

 

In de Middeleeuwen werd het orgel meestal zo dicht mogelijk in de nabijheid van het koor geplaatst in verband met de liturgische zangen. Dit was ook het geval in de Augustijnenkerk, zoals blijkt uit rekeningen over 1555, toen er wagenschot (eikenhout) werd geleverd voor het nyeu orgel staande ten Augustinen, dat zijn plaats kreeg tegen de oostmuur van de zijbeuk. Op een oude plattegrond van 1690, waarop de graven zijn ingetekend, is ook de plaats van dit orgel aangegeven.



In 1776 werd het oude orgel vervangen door een nieuw, gebouwd door H.H. Hess te Gouda, en geplaatst aan de Voorstraatzijde. In 1897 schonk dr. J.J. Stronck, emerituspredikant te Dordrecht, een bedrag van 25.000 gulden (11.364 euro) voor de bouw van een nieuw orgel. Als voorwaarde stelde hij onder meer, dat de oude balustrade moest blijven staan en dat ook het Dordtse wapen boven het oude orgel een plaats moest krijgen op de nieuwe orgelkas.
Het orgel werd in 1899 geplaatst door de orgelmaker M. Maarschalkerweerd te Utrecht en op zondag 24 september van dat jaar plechtig ingewijd door dr.J.Th.A. Jonker.

Het instrument heeft 27 stemmen, verdeeld over twee klavieren en pedaal.
 
Plattegrond uit 1690 met daarop, naast de ingetekende graven, de toenmalige plaats van het orgel tegen de oostmuur van de zijbeuk.

Logo